top of page
  • Foto van schrijverMirthe

Boogie Beasts

Naam: Boogie Beasts

Soort spel: Kaartspel

Aantal speler: 3 - 8 spelers

Speeltijd: 20 - 40 minuten

Leeftijd: 10+

Uitgever: Jolly Dutch

Prijs: €19.95


De voorbereiding

Het spel bestaat uit een scoreblok, 2 zandlopers (1 voor 1 minuut en 1 voor 3 minuten, 6 dobbelstenen en 165 kaarten:

  • 56 karakterkaarten, 8 verschillende karakters dus 7 van elk soort

  • 9 formatiekaarten

  • 70 figuurkaarten

  • 30 effectkaarten

Voordat het spel begint kiest iedere speler een karakter. Je ontvangt alle bijbehorende kaarten. De rest van de karakters gaan terug in de doos.


De spelregels

Alle kaarten hebben verschillende betekenissen, deze zijn:

  • Een karakterkaart met een groen vinkje - je springt sowieso alleen of in formatie.

  • Een karakterkaart met een oranje vraagteken - je springt sowieso alleen of in formatie. In formatie tel je alleen mee als er niet genoeg groene vinkjes meedoen.

  • Een karakterkaart met een rode streep - dit is een blufkaart, je doet niet mee aan de sprong.

  • Formatiekaarten - er zijn vijf verschillende soorten formatiekaarten met de getallen 2 tot en met 6. Het getal op de kaart geeft aan met hoeveel andere spelers je de sprong waagt. Daarnaast is de sprong alleen succesvol als je met het precieze aantal spelers springt. Deze kaarten zorgen ervoor dat je samen met andere spelers kan springen, daardoor kan je een hoger puntenaantal halen.

  • Figuurkaarten - met deze kaarten scoor je uiteindelijk je punten en je bepaalt ook de moeilijkheid van je sprong. De punten staan in de hoek aangegeven. Op de kaarten staat ook aangegeven met hoeveel karakters de sprong wordt gedaan, dit zijn de kaarten 3, 4, 5 en 6. Je mag zelf kiezen hoeveel karakterkaarten je per figuurkaart speelt.

  • Effectkaarten - deze kaarten geven een extra effect aan de sprong. Je kan zo de moeilijkheidsgraad verhogen of verlagen. Deze kaarten hebben geen effect op de punten die je kan behalen tijdens de sprong. Figuur- en effectkaarten worden samen springkaarten genoemd.


Je kan het spel eigenlijk opdelen in 4 verschillende fases de voorbereidingsfase, de vliegtuigfase, de jumpfase en de juryfase.


Tijdens de voorbereidingsfase wordt er een jumpmaster gekozen. Hij deelt iedere speler 6 kaarten uit, je mag deze kaarten nog niet bekijken. Ook kijkt de jumpmaster of de zandlopers klaar staan voor gebruik. Aan deze fase zit nog geen tijdslimiet verbonden.


Daarna volgt de vliegtuigfase de timer van 3 minuten wordt gezet. Dit is de tijd die je maximaal voor deze fase hebt. Het kan ook zijn dat alle spelers eerder willen springen, dan mag je doorgaan naar de volgende fase. Tijdens de vliegtuigfase mag je al je kaarten die je hebt gekregen bekijken. Je overlegt met de andere spelers met wie je gaat springen, maar je kan ook bluffen en bijvoorbeeld een rode karakterkaart spelen. Als de tijd om is of als je er samen uit komt dan roept de jumpmaster: JUMP en dan ga je over naar de jumpfase.


De jumpfase duurt 1 minuut. In deze fase ga je je kaarten spelen, je legt deze gesloten voor je neer. Je mag maar 1 karakterkaart per formatie spelen, als je er meer speelt ben je gediskwalificeerd.

Je kan er ook voor kiezen om solo te springen dan mag je ook een karakterkaart spelen en hoef je deze niet bij een formatiekaart te leggen.

Als laatste optie heb je om figuur- of effectkaarten te spelen op eigen sprongen of op die van anderen. Een gespeelde kaart mag niet meer gewijzigd worden.

Als de 1 minuut voorbij is roept de jumpmaster: PULL. Iedere speler stopt dan met het spelen van kaarten. Als je nog wel kaarten speelt nadat de tijd voorbij is dan ben je helaas gediskwalificeerd.


Als laatste fase heb je de juryfase in deze fase worden de punten gescoord. De punten kan je noteren op het notitieblokje. Alle kaarten worden open gedraaid en eerst haal je alle kaarten weg die verkeerd gespeeld zijn.

Ik vind het handig om daarna de solojumps uit te rekenen. Een solojump bestaat dus uit een groene of oranje karakterkaart. Daarnaast bestaat deze jump uit formatie- of effectkaarten om het makkelijker of moeilijker te maken, de punten die op deze kaarten staan tel je bij elkaar op. Daarna krijgt de speler zoveel dobbelstenen als dat hij figuurkaarten heeft ingezet. De speler gooit de dobbelstenen en als het aantal ogen groter of gelijk is aan de moeilijkheidsgraad dan scoort hij punten.


Als je in formatie springt moet eerst duidelijk zijn of het juiste aantal springers deelneemt, dit is het getal op de formatiekaart. Daarna worden alle karakterkaarten met een rode streep weg gehaald. Dit zijn blufkaarten en ze tellen niet mee voor de sprong. Vervolgens kijk je naar de karakterkaarten met het groene vinkje. Als het totale aantal van deze kaarten hoger is dan de formatiekaart dan is de sprong mislukt, bij een gelijk aantal is de sprong wel gelukt. Ten slotte kijk je naar de karakterkaarten met het oranje vraagteken. Deze doen alleen mee aan de sprong als er niet genoeg groene karakterkaarten zijn. Als er wel genoeg groene kaarten zijn dan doen deze niet mee aan de sprong en scoren ze ook geen punten.

Daarnaast bestaat deze jump ook weer uit formatie- of effectkaarten, de punten die op deze kaarten staan tel je bij elkaar op. Daarna krijgt de speler zoveel dobbelstenen als dat hij figuurkaarten heeft ingezet. De speler gooit de dobbelstenen en als het aantal ogen groter of gelijk is aan de moeilijkheidsgraad dan scoort hij punten.


Nadat alle sprongen gescoord zijn begint de volgende jump. De speler die naast de eerder gekozen jumpmaster zit is de nieuwe jumpmaster. Hij deelt alle spelers weer zijn karakterkaarten uit en de hand van de speler wordt weer aangevuld tot 6 kaarten. Je volgt daarna doorloopt daarna weer alles verschillende fases.

De speler die na vier rondes springen de meeste punten heeft is de winnaar van het spel.


Pluspunten

+ Het thema van het spel is leuk gekozen.

+ De kaarten zijn mooi geïllustreerd.

+ Het spel zit in een klein doosje en is daardoor eenvoudig mee te nemen.

+ Het spel bestaat uit verschillende fases.


Minpunten

- De spelregels zijn soms wat onduidelijk.


Beoordeling

Ik moest de spelregels even twee keer doorlezen voordat ik begreep wat de bedoeling was, maar als je het spel eenmaal door hebt is het super leuk om te spelen! Wij hadden na de eerste jumpronde wel door hoe het spel in elkaar zat en daarna was het echt wel een heel leuk spelletje!

Het thema van het spel is leuk gekozen, want in welk ander spel ga je nou parachute springen? Daarnaast zijn de kaarten heel erg mooi geïllustreerd en het is ook grappig dat er eigenlijk dieren uit het vliegtuig springen. Voor de olifant moet er wel een stevige parachute zijn ;)

Wat ik erg leuk bedacht vind is dat je het spel in verschillende fases speelt. Zo kan je in de vliegtuigfase bepalen welke kaarten je speelt, maar je kan ook bluffen tegen de andere spelers en zo ervoor zorgen dat hun sprong mislukt. Ik vind het altijd wel leuk als je andere spelers een beetje kan dwarsbomen tijdens hun spel. Daarna moet je snel je kaarten zien te spelen en omdat je hier niet al te lang de tijd voor hebt kan dit chaotisch verlopen, maar dit is wel heel erg grappig. Als laatste ga je tijdens de juryfase kijken of je sprong gelukt door de juiste kaarten en door de dobbelstenen met het juiste aantal ogen te gooien. Je hebt dus tijdens dit spel veel interactie met elkaar en dit vind ik altijd leuk aan spelletjes.

Ik vind dit echt een leuk kaartspel om tussendoor te spelen. Er komt wat tactiek bij kijken, maar ook geluk en het blufelement. Een spel dus wat bij ons nog wel vaker gespeeld zal worden.

Enthousiast geworden na het lezen van de review? Je koopt het spel hier.

21 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page